strafvervolging over te gaan tegen hen, die zich in dezen hebben schuldig gemaakt aan het misdrijf, dat neerkomt op kinderroof (opzettelijke onttrekking van een minderjarige aan het daarover gestelde wettig gezag) alsook tegen hen, die hierbij hand- en spandiensten hebben bewezen.
De rechtsorde ais zodanig gedoogt immers niet het ongestraft blijven van een der gelijk misdrijf. Maar bovendien laat het grote en hoge belang van minderjarigen in het algemeen, dat bij voogdijbesiissingen ais de onderhavige mee betrokken is, zulks niet toe.
Hier is onverbiddelijk, gestreng optreden, zonder aanzien des persoons, alleszins geboden.
Gelijk ik het op mijn beurt in deze bijdrage mijn plicht achtte, zonder aanzien des persoons, m.i. afkeurenswaardige uitlatingen te laken!
Dr. E. VAN KAALTE."
i) Dikwerf, hiervan geeft men zich te weinig rekenschap, is ook, dan tot hun droefenis, de voogdij niet aan verwanten van het kind, doch wel degelijk aan de oorlogspleegouders toevertrouwd: steeds gaf het belang van de minderjarige de doorslag!
105