De Jordaan

Titel
De Jordaan

Jaar
1912

Druk
1912

Overig
3ed 1912

Pagina's
471



VIJFDE HOOFDSTUK.

I.

Het was een smoor-heete middag. De Willemstraat lei goud-gezengd van zon. Neeltje Burk stond te puffen op haar winkelstoepje, half doodgekweld van de stoffigheid en broeische zomerwarmte. Haar zweetrood gezicht pufte boven haar vaatjesachtig vooruitstekende buik. De schoolkinderen hadden juist de straat over-joeld met gillerige kreten, en renden onbeschut den verstikkenden zonnedamp, die van de Baangracht geel-grauw neergolfde, tegemoet. Het wemelde jurkjes-gekleur en boezelaars wit van allen kant, uit steegjes, gangetjes, op stoepen en houten trappen.

Goddank, mijmerde Neel, dat de peutertjes op de zeven-cent-en-Heilschool, tot negen uur van de bezwijmde buurt wegbleven.

— Goan jullie moar 'n augie glure in de kerk raadde Neel goedig Willem en Jansje, terwijl Mientje deed alsof ze niets hoorde, pal in de zeng-zon, midden-straats, een voet-wisselend, grappig-snel hink-spelletje begon, zóó jolig-frisch, alsof er een koelte woei en de honderd-tien graden hitte alleen in de verbeelding der groote menschen bestond. Kwiek als ©en fluwijn

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition).
Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen.


Weergave
Afbeelding / Tekst (OCR)

Alle boeken in deze digitale bibliotheek kunt u gratis lezen of downloaden. Met een vrijwillige donatie helpt u ons met het in stand houden en verder uitbreiden van de bibliotheek. Klik hier als u een bijdrage wilt overmaken.