Levensgang, tweede deel

Titel
Levensgang, tweede deel

Jaar
1905

Druk
1908

Overig
4ed 1908

Pagina's
198



voorstelt... Nee ouê, daar hè juilie mirakel slag van om iets te verdraaie... Die staat is toch gegroeid uit de gemeenschap zelf... Klasse verschil wèg, kapitalisme wèg, overheersching en uitbuiting wèg... geen baze, geen knechte,... of allemaal knecht om beurt, of allemaal baas om beurt,... de produktiemiddelen van zelf gemeenschappelijk eigendom... en al 't gedroom van vrijheid, en nog es vrijheid, hoogste verheffing van 't Ik,... over gelijke verdeeling van genots- en verbruiksmiddele,... nou-ja zeg... allemaal pure onzin,... al dat gepraat werkt ommers ontzenuwend op de werkelikheid in, die de arbeiders toch voor ooge moete houê ... wille ze niet heelemaal tuimele.

Er was even stilte tusschen de heen- en weerloopers. Nijdig-koppige wrevel wrokte in Rozalie, maar Hein dacht voort en vond zich gelukkiger aldoor weer dat ie nu naast Rozalie zoo zichzelf durfde zijn zonder hakkelen, zonder veel moeite uitsprekend wat ie verwerkt had en doordacht, honderden keeren weer. Wat blij was ie dat ie niet meer vasthield aan dat denkbeeld: waar ze later naar toe gaan, de menschen. Dat kon 'm niet meer schelen. Hij had geen bespiegelingen meer noodig over de toekomst, maar daden in 't héden. Eerst wou ie zich nou uitsluitend geven aan die ongerechtigheid van deze maatschappij. Nu, nu, in stilte, voelde ie weer hoe door en door valsch en illusoir die redeneering van Rozalie was, dat gelijke genots- en verbruiksmiddelen eerst de ware levensvrijheid brengen zouden. Dat was nou ziekelijkheid en kon éérst, zooals ie zelf in Mill gelezen had, als alle menschen veel edeler waren, veel broe-derlijker, inniger en minder hebzuchtig. Nu moesten ze werken; dat alleen kon ze in leven houên. Iedereen zou z'n werkneigingen kunnen volgen en alles zou toch gedaan worden; 't vuile werk net zoo goed, als de machines dat niet afkonden. Gelijke rechten op verbruiks- en genotsmiddelen zouên nu nog de arbeidsprikkels verlammen, weer vreeselijke laagheden veroorzaken en individueel anarchisme onder de luiste naturen brengen, weer leiden tot 't moorddadigste recht van den sterkste. Nee, de socialisten zouên geen gevangenissen bouwen en de slechten zouên heel anders gestraft worden als nu; heel anders; heelemaal opgevoed en geleid als menschen met innerlijke zwakheden. En wat gaf 't 'm nü daar aan te denken; was dat weer niet bespiegeling? Moest je dan altijd dien weg opgedrongen worden als j't met 'n anarchist aan den stok had? Dat spitsvondig bekletsen van gelijke loonsverdeeling, arbeidshoeveelheid en bekwaamheid er buiten latend, was dat zorg voor heden? Dat zal de socialistische maatschappij zelf wel beslaan, en komt er eens zoo'n hooge kracht en edel bewustzijn in de menschen, dan zal ook dat uit haar geleidelijk groeien. Maar hij zou zich niet laten afvoeren van de rechte lijn. Wat was alles in 'm veranderd, vastgegroeid, in den tijd dat ie Rozalie niet gesproken had. Hij zou alleen blijven kijken naar de werkelijke behoeften en meteen de punten van de leer theoretisch in zich verscherpen.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition).
Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen.


Weergave
Afbeelding / Tekst (OCR)

Alle boeken in deze digitale bibliotheek kunt u gratis lezen of downloaden. Met een vrijwillige donatie helpt u ons met het in stand houden en verder uitbreiden van de bibliotheek. Klik hier als u een bijdrage wilt overmaken.