ARON LAQUNA 145
ons ?... (met een pieperig stemmetje) ... ik ben mevrouw Pareira Pisa.
Mevr. Pareira (ontzet).
Mij nddoet?... onder jullie?
Colly.
Ja zéker nddoet — om je malle manieren. — Hé, meneer broer-van-Jacques — heb u niet een cigaretje over de mouw? — Ik kan niet ademe zonder cigarettelucht... 't idéé! — m'n hande beve als ik twee minute zonder rooke blijf.
A ro n.
Ik heb er geen (tot Lisa). Moeder, en u ook grootmoe — roept u Jacques — de juffrouw is nou juist geen geschikt gezelschap voor u... gaat u zoo lang boven!...
Mevr. Pareira.
Nee Aroon... nee...
Lisa.
Naar boven? ... En... en als Baruch komt?
Colly. Hahahahaha!... wat 'n type!
Mevr. Pareira (angstig). En Rosetje ?... Rosetje ?... Als dié komt ?
Colly.
-A&neme gnoom!... één rood portje — maar vól! (sarcastisch naar de vrouwen toe). De da-
10