252°
van stem, deze hongerbuiken uit Judaea, die geen zwaard meer wetten, geen strijdhelm meer zien glinsteren in de zon,... die alleen mijn wanvoeg-lijkheid en de wulpsche godin in Askalon grijnzend bespotten; die alleen terugschrikken voor de roofvogelen-gedaante van de steenrots Etham. Neen ... gij kunt niet meer rillen van vervoeringsgeluk, onder het zieners-gezang:
Hoort koningen, luistert vorsten ...
Ik wil den Eeuwige bezingen!...
Wranger-ironisch sneed Simson's stem:
— Ohee,... deze schrik-aanjagende mannen van Judaea zien liever op vetten grond hun gerst en tarwe groeien; hun vijgen, druiven, granaten, rooder dan robijnen, en hun olijven rijpen ... Zij knielen liever voor d'afgoden van Philistijnen, Amalekieten, Midia-nieten ... O, duizelingwekkende helden van Judaea, onversaagd als Syrische geiten,... komt... zegt mij ... is er een Gideon onder u, die het slagzwaard zwaait als een bliksemklief in de duisternis? ... Wilt gij Israël redden uit zijn benauwenis?... Maar uw druiventrossen, mannen van Judaea, worden vertreden ... uw wijnpers dampt leeg... Wilt gij Jehovah's eer wreken, Jehovah die u verloste uit een huilende wildernis? ... Kunt gij nog huiveren onder Mozes' stem, als hij roept:
— Luistert hemelen, en ook aarde, hoor!...