De Jordaan, Manus Peet

Titel
De Jordaan, Manus Peet

Jaar
1922

Overig
4ed

Pagina's
573



344

en in armoe. Aan hen verspilde hij met hartstocht zijn laat-sten adem. Menschenliefde noemde hij dat eigenlijk niet in zichzelf. Het was meer meelij met alles wat leed. Het werd een dringende, een zoete deernis in zijn ziel, om behoeftigen bij te springen. O, het was hem niet grootsprakig in den mond geslagen, doch hij kón vertwijfeling en ellende niet aanzien. Peet beefde en kleurde van een soort beschroomd geluk, wanneer hij bemerkte dat zijn raad, zijn woord, hoe karig ook en heimelijk door hem uitgesproken als ongeletterde, soms nog wonderlijker nawerking kreeg dan het zorgeloos geven van wat guldens. En toch had hij geen waskaarsen als masten beloofd, gelijk die benarde schipper, biddende in nood en angst tot de Heilige Maagd. Hij leefde tusschen de rustelooze woeling en weem-ling der Jordaners, tusschen schimp en vloek, woede-uitvallen en gevechten, tusschen liederlijkheid, dreigementen, gemeenheid, hebzucht en moorddriftige vlagen van zuipers en avonturiers. Doch Manus, met zijn dartele ironie en zijn levenswijze, schertsende kalmte, bracht als hij er maar éven kans toe zag, overal bezinning en tempering. De goeden en licht-geloovigen, bij wie altijd de schuit lek was, maakte hij zonder dwangspreuken béter, de slechten en dommen, minder eenkennig en wreed, door zijn voorbeeld, zijn woord en zijn troostende daden. In Manus giftigde geen spottende minachting meer voor de menschen. Hij had zichzelf geleerd, waarheid te zeggen zonder zeer te doen. Hij leefde allengs meer op den milden drang van het goede willen en om in anderen iets van dit lafenisachtige gevoel op te wekken. Voor zichzelf noemde hij dat bedachtelijk: tooverkruiden rondzaaien in het donker. Hij sprak zóó, dat nooit iemand zijn woord als een vermaning of een verwijt, als een grillige nukkigheid, een terging of eigenwijsheid behoefde te dulden. Hij sprdk ze toe, de menschen, de ruwhartigen, woesten of snauwenden, zoowel als de zacht-zinnigen, nederigen en weifelenden, gelijk zij zichzelf innerlijk toespraken. Het was hen dan alsof zij hun verborgenste gedachten door een geheime macht buiten hun wezen voelden

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition).
Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen.


Weergave
Afbeelding / Tekst (OCR)

Alle boeken in deze digitale bibliotheek kunt u gratis lezen of downloaden. Met een vrijwillige donatie helpt u ons met het in stand houden en verder uitbreiden van de bibliotheek. Klik hier als u een bijdrage wilt overmaken.