Menschenwee, Derde boek, Zomer

Titel
Menschenwee, Derde boek, Zomer

Jaar
1903

Druk
1903

Overig
1ed 1903

Pagina's
456



223

mige kruipertjes, rondstoeiend om spinnewebben, die als lichtend rag zij-ïg elektriseerden en vonkten in den zonnedag.

In geurenzwijmel dronken, volgesapt van zoeten honing, slingerden de hommels door 't luchtblauw, en de klavervelden in den rose-witten en rooden bloemengloei, knapperden van licht. Op dwarspaadjes en dijken in wilden wriemel van madelief en boterbloemen, die dropen van glans, rookte 't walstroo rond, gelige trosjes, uitademend zaligen zomergeur, diep bedwelmend ; zoeten geur van zonnegrond, als vijgenreuk rondrookend heel den polder door, in gelukaangeurenden juich van levenslust, 't Heete gras gloeide, hoog prachtgroen, heet goud-groen in hellen glinster, rag en lichtend in 't weidevuur.

De polderplasjes wemelden van leven, zogen hemelblauw in, warmdonker terugspiegelend op 't watervlak, en tusschen het ruischriet, snerpte gors, zongen er schelle vogelkeeltjes öp, van kievit en spreeuwen, floot lokkend-klaar eenzame wielewaal. Zonnige schitter plaste op de watertjes, die dampig en fonkelspattend, kronkelig en zonnewiegelend, tusschen 't glanshelle weigroen slingerden. Koeiendrom op 't malsch gesapte weiland, waar et-groen laag gloeide, glansde en blankte, in git en wit, in rood en blond, grazend doom'rig en traag-rustig op 't afgemaaide gras, dat sapte en bruiste van gloed-licht. —-Soms plots in draf, holde 't vee langs sloot-greppel, sprong zot en onbeholpen terug in dwaze gebaren. Soms, op lui-bijééngegroepte koeien, zonnebroeiend, zakte parmantig 'n spreeuwpaar, stappend op hun ruggen als zwart-glanzende wandelaartjes, happend vliegen, die om neus en oogen van de koeien sarden, in kwellenden kringetjesgons. — Paardjes en veulens, roodglanzend, schimmelhitjes, grijzigblank, holden door 't zomergroen, in slanke vlucht van manen en staart. En telkens van de dammen, waggelden öp de hooiwagens, hoog tegen trillend azuur, hel-blond, goudgeel met den woel der blauw-bekielde kerels er öp, als uitgesmeed tegen 't hemel-ontzaglijke; de wagens achter elkaar in krakenden hort, in piependen kreun en zuchtenden steun, den bestraten polderweg af, plots wiel-ratelend, omkolkt van zandhoos. En hoog in de lucht, dwars

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition).
Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen.


Weergave
Afbeelding / Tekst (OCR)

Alle boeken in deze digitale bibliotheek kunt u gratis lezen of downloaden. Met een vrijwillige donatie helpt u ons met het in stand houden en verder uitbreiden van de bibliotheek. Klik hier als u een bijdrage wilt overmaken.