210
hooge rijschool geweest! Wisten die stijfkoppige gammers, die wijgoochems van kunstkenners en kunstpre-festers veel, met al hun privilegiën. Ja, ze zaten daar op den stoel van koning Sanderhout, met een zuur-stalletje! Wat verbeeldden die onzelieveheeren zich wel? Thank you! Verstand hadden ze van inscripties, van jaartallen, van boeken en theorieën, maar niet van lévende schilderstukken! Haarlie woorden waren goed, maar ja, de eenden leggen dóch de eieren... Hij, hij, Sallie Blik, met spek gesmeerd, al had hij ook in het hartje van Amerika zijn Day of Atonement streng gehouwen,... hij, afstammeling van god-mag-weten
welken ouwen, grooten schilder met livrei,...... hij
herkende, op den geur af, old masters en antiek. Hij, groot van moed, had die geleerde krententreiters, die zich zwart en krank loerden op lettertjes en grinnikten van eigenwijsheid, niet noodig. Hij had uit zichzelf een woordje in het kapittel! Dat verklaarde Sallie bij plakkaat, op New Year's Eve! Hij droeg zijn eigen kaas en boter in de hand. Hij bekeek ieder kleurtje, ieder penseelstreekje, zoowel op publieke veilingen als thuis. In heel zijn zelf-begoochelende natuur, wist hij zich bedwelmd door eigen mysterieuzen speurzin.
Sallie borg alles rap op, maar wanneer hij somwijlen een antiek meesterstukje liet zien, dan ontrolde Blik doek of doekje met ongekunstelde, heilige huivering. Dan sprak hij driftig-bezield en wees op alles...
— Mot je me zien zoo'n koppetje!...... Noch nie
dageweze!... Vijftiende eeuw meneer... kommen zie erein! 'n Juweel van 't eerste water... Middenpaneel van een Jan van Eyck... of de man 't gistere nog zóó geschilderd heb... U ruikt an de verf nog versch er op geblazen... Wat 'n orangé... as-ik-u-zeg... wouter serfiteur!... Ziet u an die boeren?... Dat... dat binne eers klompen!... Kijk an die handen... en alles, alles
Gammers: ezels. — Wijgoochems: betweters. — Day of Atonement: Groote Verzoendag. — New Year's Eve: Oudejaarsavond.