De jeugd van Beethoven

Titel
De jeugd van Beethoven

Jaar
1919

Druk
1919

Overig
1ed 1919

Pagina's
127



voornaamheid zonder gladde, integendeel juist gevoélige beschaving, maar vooral moeder, die de distels brak om het noodlots-leven van het armelijk-opgegroeide genie. Zij zuiverde de wondranden van zijn smart-bestaan. Ze verteederde zijnstuursch-heid tot weemoed en zijn nukkige woestheid legde ze óm naar offerend zelfbedwang. Ze bracht hem tot uitstorting van opgekropte ellende, tot uitsnikken van zijn pijnigende droefnis. Onder die moeder-warme kindkoestering heropende zich zijn jeugd en herleefde al wat gewurgd en gemoord lag op den diepen zang-bodem van zijn kinderziel. Zij was de wijngaardenierster van zijn tweede jeugd, ze stekte zijn vreugd en zijn verschrompelde jongensliefde. Daar, bij de Von Breuning's, in de zonnige gezelligheid, kwamen het eerst zijn onbeteugelde drang naar debat en zijn humor van zwaar geschut, lachbulderend losschieten.

Neen, Beethoven was geen grom-

111

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition).
Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen.


Weergave
Afbeelding / Tekst (OCR)

Alle boeken in deze digitale bibliotheek kunt u gratis lezen of downloaden. Met een vrijwillige donatie helpt u ons met het in stand houden en verder uitbreiden van de bibliotheek. Klik hier als u een bijdrage wilt overmaken.