116 STUDIËN
zin ziet ge de ontbinding van hun doodgeboren sentiment. Zelfs hun ironie en spotzieke zwenkingen zijn dorpsachtig-verschrompeld en van een zonderlinge bekrompenheid. — En daarmee zeer in tegenstelling leven, dreigen, fonkelen en panoramisch-spannen zich uit, de zinnen van Van Treslong. — De toon van dit wijsgeerige proza is meestal vol, diep, alt-achtig klankzange-rig en van een schoon-menschelijk vibrato door-trild. — Natuurlijk zijn er ook zwakke gedeelten en lang niet overal is zijn zeggingskracht gelijk. Er zijn duistere, matte fragmenten, zwakke hyperbolen en aarzelende rudimenten van uiterst subjectivisme. Soms zooveel fantasie en lyriek, dat de eerst diep-bedwongen, kleurige vitaliteit van den schrijver als in een uitbarsting losstormt en dan dijkbreuken adert in zijn logischen gedachtengang. Maar toch, dit boek is van een buitengewoon mensch, tegelijk een uiting en een daad; door zijn innerlijke schoonheid een schepping en een brok leven.
Wijk aan Zee 1910.