153
onzindelijke honden met den neus hebben gewreven in de drek van hun barbaarschheid, zullen de wreede lafaards, die zoolang hun plicht verzuimden, wel bakzeil halen. Ze weten nu te goed, dat de publieke opinie is wakker gemaakt, en dat het om hun hachje gaat.
In Nederlandsch-Indië is de toestand echter geheel anders; daar ligt de pers aan banden. Het vrije woord, deze heerlijke overwinning van het Nederlandsche volk, de veiligheidsklep der natie, is daar niet toe te passen. Verbeteringen kunnen daar slechts plaats vinden door de vrees of onder den indruk van oproer.
Multatuli, die langs den weg van het vrije woord, verbeteringen wilde aanbrengen, heeft in zijn werken duidelijk aangetoond op welke een macht van tegenstand hij stuitte, toen hij Insulinde wenschte behandeld te zien, niet op den voet van wingewest, doch als over-zeesch deel van het Moederland. Maar niet eiken dag wordt er een man geboren met het geniale schrijftalent van dezen grooten voorganger van alle moderne Nederlandsche sociale hervormers. De verbeteringen tot heden toe in de barbaarsche politierechtspraak in Neder-landsch-Indië aangebracht, zijn te danken aan de vrees voor en den invloed van Japan, China, de „Sarekat Islam” en Chineesche opstootjes. Het behoeft natuurlijk niet zoo te blijven. Er is geen enkele reden waarom niet het Nederlandsche volk eens zou zeggen, dure, juristenkaste, ruk uit met al uw wettenfabriek-kerij, die gij terwille van uw eigen parasitair leven opstelt en waarvan gij misbruik maakt om alom het recht te knevelen, terwille van uw zak. Wij zullen wat humane menschen buiten uw kaste belasten, met een hervorming van de rechtspraak in Indië en ze ook daar grondvesten op de beproefde, oud Aziatische wijsheid, uit het boek van God en Christus. Dat zal dan in waarheid zijn: „Azië voor de Aziaten.”
In zijn uitnemend werk, bovengenoemd, een lijvig boekdeel van bijna 300 bladzijden, deelt Mr. van Bler-kom mede, op welke wijze in Nederlandsch-Indië de