116
choloroform-praeparaat inwrijft, is hij er zeker van, dat de leeuwen door den reuk, die voor hen op dien van dood aas schijnt te gelijken, hem niet de tanden in ’t vleesch zullen zetten. Zij besnuffelen hem en keeren zich dan met afkeer van hem af. Kleedt een dierentemmer zich in een pak van een bepaalde kleur en heeft te voren de leeuw of de tijger zich eenige malen den bek bezeerd aan een voorwerp van dezelfde kleur, dan mijden de wilde dieren voortaan alle dingen, ook menschen, die deze kleur toonen.
De vriend van Vos, die wegens slecht gedrag uit den militairen dienst was ontslagen, bleek mij een trouwhartig, eenvoudig man, goedaardig, als een kind te leiden en zonder veel moeite tot een braven, oppas-senden kaerel te maken. Hij is van herculische kracht en van een ontembaren vrijheidszin. Ik heb den indruk gekregen, dat zeer veel menschen, die wegens vechtpartijen, wederspannigheid tegen de politie, dronkenschap en landlooperij tot vrijheidsstraffen worden veroordeeld, juist de lieden zijn, die het aloude, echt-Ne-derlandsche, echt-Bataafsche instinct van de persoonlijke vrijheid het sterkst in zich voelen en aldus in botsing moeten komen met ons naar Duitsch voorbeeld en van Duitschen geest doortrokken tuchtstelsel. Als men wetten en verbodsbepalingen maakt, in strijd met den onderbewusten, den oer-instinctieven aard van een volk, dan worden de menschen, die het zuiverst de eigenaardige ras-kenmerken van dat volk in zich dragen, daarvan het eerst en het meest de slachtoffers terwijl de bastaards, de zwak-zieligen, de slaafschen, zich het best aanpassen en tot heerschappij en welvaart komen. Wie onrecht kan verdragen, wie verdragen kan, dat een ander onrecht wordt aangedaan, wie vleit, wie kruipt, wie ,,1’art de feindre” bezit, zal het winnen van den stoeren ras-Nederlander, die zichzelf (zooals b.v. Multatuli) liever opoffert dan onrecht te doen of onrecht te dulden of zijn persoonlijkheid verloochent. Het zou daarom een werk van zelfverdediging zijn,