IX9
tot Eva en bood haar een bete. Eva weigerde met ontzetting zeggende: „Zoude ik, de moeder aller levenden, zondigen en zouden zoo door en in mij alle levenden van heden tot aan de einderen, gezondigd hebben?"'
Toen hief Adam zijn vuist op en gaf Eva een slag op den mond, dat zij bloedde en hij greep haar bij de keel en beval: „Eet of ik zal u dooden. Ik ben uw heer en zult gij mij dan niet gehoorzamen?"'
En hij dwong door zijn brute kracht haar te eten, met haar bloedenden mond
Daarna ging Eva ter zijde zitten en weende. De eerste tranen werden geschreid, de eerste wapenen der vrouw, de moeder aller levenden.
Toen verscheen de Scheppende en zeide: „Waarom weent gij Eva?"'
En Eva antwoordde:
„De man, dien gij mij gegeven hebt, is mij tot een macht geweest boven U. En het eerste leven, dat hij in mij gewekt heeft, zal zijn gelijk zijn beeld, Kaïn, de moordenaar zijns broeders.''