158
herdenkend, voelde nu moed en kracht en fierheid in zich als dreef er een bloedstroom met geweld door zijn aderen en zijn speer met een zwaai opstekend in de lucht en ook zyn linkerhand wijd in de hoogte, als ten groet, riep hij in vervoering:
„Blaas mijn jongen, blaas 1 Hier nadert Sogol, de vorst der Nerviërs!"
En licht in ’t zonnezilver, dat blonk in zijn oogen en guldde in zyn baard, zijn behaard, naakt lichaam van de schouders tot de voeten beglansd, dat het scheen of er licht van hem uitstraalde, liep hij het bergpad af met naast hem den toeterenden knaap. Ver naar achteren volgde Myst, oververmoeid, leunend op zyn langen staf, die hij rechtstandig tastend vooruitzette, maar toch ook hij hopend op de gouden toekomst van licht en geloof, die daar aan hun voeten in 't Rindal zich voor hen opende.