Dramatische werken: Medea, De bron der jeugd, De gijzelaars

Titel
Dramatische werken: Medea, De bron der jeugd, De gijzelaars

Jaar
1914

Overig
Verzameling van drie toneelwerken

Pagina's
340



310

Dat groote tuig misbruikt ons menschen maar,

Maar waarom houden wij niet bij elkaar ?

Hoe kwam die kleine meid zoo dom, om zich Door al dat groote tuig te doen misbruiken ?

Dat mooie pakje kleedde haar te slecht,

Ze was veel liever in haar meidenjurk.

Ik heb haar hier wel in ’t paleis zien loopen,

Ik had waarachtig schik in haar, ik dacht.

Dat zou nou net precies voor mij wat zijn.

(hij zet het glas weer aan zijn mond, maar schuift het met een zuur gezicht opnieuw weg) ’t Is bocht, de wereld loopt vast op zijn end,

Als ik minister was, ik zou wel weten,

Hoe ik die heeren drankverkoopers pakte.

Mijn eerste werk zou zijn een nieuwe drankwet,

Al wie versneed of gaf te kleine maat,

Werd zwaar bekeurd, — dat middel was probaat.

Een nieuwe drankwet maakt’ in korten tijd,

Dees zond’ge wereld tot een zaligheid 1

(Er wordt met kracht op de buitendeur gebonsd) Daar ben ik al — maak maar niet zoo’n kabaal,

We zijn hier niet in ’s lands vergaderzaal!

Tweede Tooneel De cipier, hertog Francesco, graaf Reni.

HERTOG FRANCESCO Zijn de gevangnen allen welbewaard ?

CIPIER

Ja heer, ze piepen allen van den dorst.

Piep jelui maar, ik ben een trouwe borst 1

(Cipier »f).

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition).
Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen.


Weergave
Afbeelding / Tekst (OCR)

Alle boeken in deze digitale bibliotheek kunt u gratis lezen of downloaden. Met een vrijwillige donatie helpt u ons met het in stand houden en verder uitbreiden van de bibliotheek. Klik hier als u een bijdrage wilt overmaken.