289
Gestoofde uien, soep van versche knoflook,
Charlotjes in het zuur met rookmakreel,
Fagiolini, uitgezóchte boontjes,
Met dobbelsteenen spek, dat is je ware!
Je krijgt bij ons wat deeg'lijks in je maag,
’t Was goed bedoeld, maar dank je voor die liflaf.
(Hij staat op, brengt een flesch aan den mond en drinkt).
Ik spoel het met een enklen slok naar onder.
GRAAF RENI
Gebruikt men ook te Pisa nimmer glazen?
GRAAF Dl TOSCA (wankelend op hem toeloopend)
Dat wel, maar dan alleen bij groote bazen,
Zoo onder ons lui, als het ons maar smaakt.
(Hij zet nogmaals de flesch aan den mond, ledigt die, houdt haar dan tegen het licht). Zoo, die heb ik ten minste flink geraakt.
(hij loopt weg van de tafel).
GRAVIN Dl TOSCA
Ik bid u, duidt het mijn gemaal niet euvel,
Zooals ik zei, de zware wijn brengt hem,
Die anders streng is op de étiquette,
Aristocraat van top tot teen, geheel Van streek en nu verbeeldt hij in zijn roes Zich, dat hij tot de lazzaroni hoort.
GRAVIN Dl AMARA
Ja, vreeslijk is de mensch die zich benevelt,
De wijn, een zoete gave Gods, met maat
19