273
Is rijker, dan wie kisten heeft vol schatten,
Bezit een echter adel dan van brieven,
En hoogren rang dan zelfs een kroon verleent.
De eer der maagd ... ziedaar een bloesemkroon, Waarmee natuur in hare mildste bui,
Elk meisje bij ’t geboren worden tooit,
En zou ik dan, die de natuur zelv’ kroonde,
Mijn kroon, een werk van handen en van menschen, Onwaardig achten ? Ziet, dat waar dan toch, Verkrachtiging der natuur ter wille van,
Begrippen, die zeer onnatuurlijk zijn .. .
GRAAF RENI
Daar zit de minnaar nu in duizend nooden,
Zoo doffer, is het duifje weer ontsnapt ?
UMBERTO
Lach niet mijn vriend, ik ben het lachen moe, GRAAF RENI
’k Geloof je graag, we speelden kiekeboe,
Mijn heer je vader en je trouwste vriend.
En zagen hoe dat heksje daar flip-flap,
Je leerde hoe van Don Juan die lacht,
Men ras een Don Juan die huilt kan maken . ..
Maar ’k heb een middel om je op te vrool’ken,
En dat meteen je van de liefde heelt.
UMBERTO
Ónmogelijk ...
GRAAF RENI
Zeg niet onmooglijk vriend,
Want in de liefde is er niets onmooglijk.
18