253
CRITO
Mij koos ze uit, ze noemt mij met da Vinei! GIUSSEPPO
Der dommen kunst! Ik ga met strijken staken,
Laat dan geleerden het ballet begleiden !
HEGIO
Van Michel niet... Maar veel van Angelo,
Hoe geestig en vernuftig is die vrouw,
Om door een kiesch gezegde aan te duiden,
Dat van ’s mans werk de helft haar maar bevalt,
En d’ andre helft lijdt aan te plompe vormen.
DAVUSIO
Mijn heeren, heb ik wel haar wil verstaan.
Dan moet gij heden allen fluks er aan,
Neemt vedels, luiten, fluiten en partitie,
En volgt mij voor een groote repetitie.
(Kunstenaars met hun instrumenten af)
Zesde Tooneel.
Beata—Sirenetta, Sirenetta—Beata.
BEATA (in feestgewaad)
Mijn meisje, hoewel ik je dankbaar ben,
Voor al je wijze lessen, graag erken,
Dat jij uitstekend weet, hoe men zich moet Gedragen in de allerhoogste kringen,
Ervaar ik van jou zulke vreemde dingen.
Speelt zoo hoog spel met ’s hertogs een’gen zoon,
Dat als jij voortaan niet je wat betoomt,