te sarren. Hij hield hem er onder, liet hem Zaterdags quitantie's innen, het werk voor de knechts, liet zijn schoenen door hem poetsen, hem zijn been toestekend met een beweging, alsof hij hem een trap zou geven. Als het een oogenblikje stil was, zond hij «den Mof» naar 't magazijn om te stoffen, om goederen over te pakken, volkomen overbodig werk, dat ook de patroon zelf niet verlangde. Maar Harry verdroeg, verdroeg altijd. En dat juist maakte de brutaliteit der anderen grooter. Om twaalf uur kregen de bedienden in den winkel te eten. Op een groot blad kwamen een tiental ronde kommen met een bruin vocht, zonder suiker en een stapel boterhammen met margarine en goedkoope cervelaat of bloedworst, of een dun plakje zoete koek.
De bedienden durfden het niet te weigeren of er zich over beklagen. Maar ze wierpen de koffie in ’t privaat, namen de boterhammen mede voor hun huisdieren. En ze lieten melk halen of bier en aten cadetjes met ham en krentebroodjes en roombroodjes en eieren, die ze van thuis medebrachten.
Alleen Harry Hirschfeld niet. Hij was «liberaler» geworden, at niet meer uitsluitend «kosjer,» nu hij immers toch Zaterdags werkte. Tegen twaalf uur, als hij boven aan de trap het blad met de koffie-kommen hoorde rinkelen, was er vreugde in zijn hart. Hij kon het oogenblik schier niet afwachten, waarop hij zijn twaalf uurtje kreeg. En dan at hij zich zat aan de boterhammen, die de anderen nog te slecht voor hun hond vonden, over-zat, omdat hij dan ’s middags maar heel weinig behoefde te eten en hij nam óók een paar boterhammen mede, maar voor zichzelf, als 's avonds de honger in t slechtdoorvoede lichaam knaagde en de koffie slurpte hij op met welbehagen, was dankbaar, als een ander hèm zijn koffie schonk in plaats van ze uit te gooien in ’t privaat.
Maar de chef vergalde hem ook dat luttele oogenblik van gelukkige rust vaak. Juist als de koffie kwam, zei hij tot den tweeden boekhouder: «Kijk, hoe de Mof zijn ooren spitst.
Wacht, wij zullen die hongerlijer eens verneuken.» En hij riep hem, zond hem uit met een boodschap, die gerust een uur had kunnen uitgesteld worden en als Hirschfeld dan terugkwam, bezweet en afgemat door het haasten, om toch maar gauw terug te zijn vóór alle koffie in ’t privaat was gestort en alle boter-