verspelen. Als wij nu verliezen, zetten wij nooit een stap meer in de speelzaal.'
Hij antwoordde niet dadelijk, maar toen zij zijn arm vast drukte en hem meenam in de richting: van de speelzaal, verzette hij zich niet.
En weer werd de dag in de speelzaal doorgebracht. Het was dit keer een geheel ander publiek, dat zij er aantroffen. Er waren eenige rijke Amerikanen in de zaal, een staalkoning en zijn aanhang en een petroleum-koning en zijn aanhang, die tegen elkander toonden, wat zij konden wagen. De petroleum-koning won gestadig.
,,Zet toch eens op zijn nummer,” fluisterde Adrienne.
Leonard gaf toe, zette vijfhonderd frank op zeventien, op welk nummer de petroieum-Amerikaan vijfduizend francs had gezet. Adrienne zette vijfhonderd francs op één en twintig, het nummer van den Staal-Amerikaan.
De roulette draaide, het balletje riste rond.
Maar ditmaal wonnen noch Petroleum-, noch Staalkoning.
Leonard keek Adrienne aan.
„Dóórzetten, dóórzetten,” riep ze vrolijk en niet in ’t minst neergelagen. „Als wij gewonnen hadden, zou je weer eerste gewin kattegespin gezegd hebben.”
Nogmaals werd door beiden duizend francs gewaagd. Wéér werd verloren. Zij bleven spelen tot ze niets meer hadden, wonnen niet een enkele maal, liepen toen weer bedrukt naar den trein.
„Jouw schuld!” zei Leonard verwijtend.
„Dat is laf van je. Je hebt zelf ook gewild.”
„Later ja ... . om mijn verlies terug te winnen.