101
aantal der netten, die elk schip had te voeren, werd breedvoerig bepaald.
De Hollandsche haring was op de buitenlandsche markten onderwijl door Schotsche, Noorsche en Duitsche haring verdrongen. Niet langer was de haring een keurige, dure lekkernij, gelijk zij schier altijd geweest was tijdens de Hollandsche haring de markt over-heerschte, maar de mindere qualiteiten van de buitenlandsche visschers werden goedkooper verkocht en de haring werd een meer algemeen volksvoedingsmiddel. Pogingen van Hollandsche kooplui om de haring kunstmatig op hoogen prijs te houden, mislukten.
Het vrijhandelstelsel, dat in de periode van 1830—50 de basis onzer handelspolitiek werd, bracht de regee-ring er toe te breken met de bewaking van een bedrijf, dat, ten koste van ’t algemeen door monopoliën en premiën gesteund werd aan de eene zijde, aan de andere zijde zoo bedisseld en gereglementeerd, dat vrije ontwikkeling onmogelijk was. Toen België in 1842 zijn invoerrecht op visch verhoogde en de reeders om nog meer bescherming vroegen dan zij reeds genoten, bleek dat juist de meest beschermde vissche-rijen het minst bloeiden. Van 1846 begon men aan de visscherij-wetten te tornen. De opening der vis-scherij werd vervroegd. In 1850, toen bij de begrooting f 200.000 voor premiën voor haringreederijen was uitgetrokken, werd bij de debatten op de afschaffing dezer post aangedrongen. Thorbecke verminderde haar in 1851 met 1/10, als begin van een geleidelijke afschaffing. In 1853 was de post gehalveerd. In 1859 eindelijk kwam een wetsontwerp tot stand, dat aan het premiestelsel zoowel aan andere rechten en regie-