aantal op aan hun superieur, den chef van het kamp, tegenwoordig de Untersturmführer Schwarzhuber, een Tyroler. Hij is een sadist en verslaafd aan alcohol.
De chefs van de werkgroepen zijn capos. Bij de grote groepen zijn weer Obercapos. De capo is de baas bij het werk. Hij heeft absolute macht over zijn ondergeschikten. Het gebeurt dikwijls, dat hij een van zijn ondergeschikten doodt. Eerst waren er Joden onder de capos. Men verbood het vanuit Berlijn. Roth van Michalovce, installateur, kon zijn baantje behouden, ondanks het feit, dat hij Jood was. Duitse specialisten controleren alles.
WERKCOND1TIES.
Na drie dagen stelde men mij met 200 Slowaakse Joden in Duitse wapenwcrkplaatsen te Auschwitz te werk. Ons domicilie bleef Birkenau. We hebben gewerkt als timmerlieden en aan wegen. We kregen als volgt te eten: 's middags 1 liter soep van rapen, ’s avonds 300 gram brood. Het werk was zeer zwaar en de meesten konden het niet bolwerken, temeer omdat ze veel te zwak waren door het onvoldoende voedsel.
De sterfte was schrikbarend. Wij verloren op de tweehonderd 30 a 35 man per dag. Velen werden zonder reden gedood door de capos. De terugkeer van ons werk was pijnlijk en gevaarlijk. Wij moesten alles opgeven: onze werktuigen, ons hout. de keukenvaten, en......hen, die gestor
ven of gedood waren tijdens het werk, of langs de weg van 5 km. Wij moesten in rechte rijen lopen. Wie den capo mishaagde, werd geslagen en zelfs neergeschoten. Toen er 15 dagen voorbij waren, kwam het tweede convooi Slowaakse Joden. Van het onze waren er niet meer dan 150 over.
Iedere avond telde men ons. De lijken werden in wagens of vrachtauto’s gelegd, die ze naar het bos ..Birkenwald” droegen (Brzezinski), of men verbrandde ze in een sloot, die enige meters diep was en 15 meter lang.
Wij ontmoetten iedere dag onderweg een groep Slowaakse meisjes, ongeveer 300, die op het land in de omgeving werkten. Zij droegen oude Russische uniformen en klompen. Men had hun het hoofd kaal geschoren. Wij hebben hen niet kunnen spreken. Tot midden 1942 kwamen er 4 convooien Joden
109