Het is nu ruim vijf jaar geleden dat het geschiedde in een fatsoenlijk zijstraatje van een nog fatsoenlijker groote straat. De menschen waren ontstemd — de menschen hadden gelijk. In den kuil dien hij voor een ander groef, kwam Falkland met schande en hoongelach zélf terecht. Mag ik u, pers-collega’s, de zaak even verhalen? Mogelijk is zij eene waarschuwing om uwe schrifturen wèl te wikken en te wegen alvorens ze in ’t zonnetje te zetten.
Ruim vijf jaren geleden, gaf ik de descriptie eener liefdesgeschiedenis. Herinnert ge u het vluchtig gevalletje? — „Eén hoog,” schreef ik: „woonteen „burgerjuffrouw met roode koonen, roode lippen, grijze „oogen, uiterlijk veel welgedaanheid, die kamers ver-„huurt. De juffrouw heeft een zoontje met roode koo-„nen, roode lippen, grijze oogen, een dik bol ventje. „De voorkamer is verhuurd aan een oude dame, even „geheimzinnig als Marlitt’s Alt e Mams el. De achterkamer wordt bewoond door een smid, die altijd vuil, „roestig en met gepotloode handen is. Naar deri bouw