VAN DROOG GENOT.
in proza valt uit te zeggen, toen onze huisheer tegen onderteekening van ’n lang-ademig contract, ons diverse gunsten verleende, witten, verven, doorsteken van ’t verstopt riool èn aanvoer van waterleiding naar eene kamer éénhoog, die mitsdien Badkamer kwam te heeten. Het geschiedde in 1902 —1903 en in eene andere kleine plaats. Het lang-gedroomde, in zoete zwijmeluren begeerde, naderde. Het behoefde niet langer in de keuken — er kwam een stop, waaraan je de douche slechts had te schroeven. Doch daar het winter was draaiden we niet. De toestel moest nog gekocht worden. Eindelijk na den wanhopigen grooten schoonmaak, gelijk met gangen zonder stofje en verf-luchtjes in ’t huis werd de douche, de echte, gekochte, niet zélf gefabriceerde douche aan de stop gedraaid. Het was ’n keurig koperen toestel, compleet voor ’n gulden of tien. Rechts zat de kraan. Anderhalve meter van ’t bad glimlachte de tuit. Hoe je ’r voor stond, links of rechts, bij de deur of bij 't raam, deBadkamer, zag er decoratief volmaakt uit en de D o u c h e sprankelde kopervlammen in ’t voorjaarszonnetje — „een fontein van licht”, zei m’n vrouw, die ’r pas met poetspommade gewreven had.
Tweede Toelichting.
(Anno 1903)
A De eindelijk verkregen, netjes aangelegde dou-c h e mét waterleiding. B De kraan voor enkel handen wasschen en om het bad te vullen. C De kraan voor de prachtige, huid en lever versterkende douche. D Falkland, alweder welvoegelijkheidshalve gesymboliseerd, doch sinds 1896 een weinig gezetter. E Het bad. F Afvoer.