DE VILLA WORDT BERUCHT. 73
Zwaluw, driest ’n achter fantaseerend dat niet aan ’t huis was.
„Zoo” zei de agent, dan is 't goed — dan is 't goed.” Weer tikte-die aan, tegelijk wenkbrauw-fronzend naar mevrouw en de juffrouw in de mansbroeken kijkend. De burgemeester had gelijk. D’r gebeurden schunnige dingen in ’t huis — as ze ’s nachts halftwee door 'n achter dat geen achter was binnenkwamen en as de vrouwspersonen ge-broekt liepen. Hij zou 't rapporteeren.
„Hier heb je ’n gulden,” praatte meneer, die ’t oogenloeren gezien had, erg lief van toon.
„Dank u,” zei de agent achterdochtig.
Z’n zware spijkerstappen dreunden heen in de stilte van schrik-geslagenheid en somber klokge-zweef.
Even was het in gebaar en klank, ’t innerlijkst
programma’s der „Koninklijke Vereeniging” — haast ik mij der lezeres te verzoeken de golvingen van ontzetting (angstig brand-alarm), die uit het lichaam van mijn klok over 't slapend dorp dreunen en klotsen, nader en met aandacht te aanschouwen. Immers de kunstschepping ook van terzijde bekijkend, zal men ontwaren — en zulks duidelijker dan bij JanToorop, die er raak op los baant — dat mijne onthutsings-banen, nood-banen, angst-banen, ha-ren-te-bergen-folterende banen, in haar slingeringen en woeste beukingen een oneindige reeks !!!!!!!!!! en een nog oneindiger reeks ?????????? bevatten. Kan men een angstig alarm, gruwelijker symboliseeren dan met!! en met ? ?... Zoo is het leven, wreed, rauw, vraag en roep. S. F.