162 NEGENDE KAPITTEL.
Katterig hielden ze ’s middags receptie bij port, sherry, en advocaat.
Kobus liep grunnekend in de gangen en ouwe Chris, bewegend zonder lichaamsweten, smoorde in de oven met gehypnotiseerde gebaren, een malsch stuk lenden, dat de slager bij uitzondering op Zondag leverde.
Meneer zat met z’n verzwikten voet in ijscom-pressen.
Mevrouw wrokte over ’n man, die z’n hebben en houen aan z’n familie ontstal.