39
vader of, bij diens afwezigheid, op de mannelijke verwanten, die zijne plaats innemep.
Wanneer de vader er toe in staat en bevoegd is, dan moet hij zelf de besnijdenis verrichten ; zoo niet,' dan draagt hij die aan eenen deskundigen en 'bevoegden persoon (מוהל) op, maar stelt zich bij de verrichting der besnijdenis in de onmiddellijke nabijheid Van den besnijder, om duidelijk te kennen te geven, dat deze als zijn gelastigde de besnijdenis verricht. In ieder geval spreekt de vader onmiddellijk nadat bij de besnijdenis de eerste handeling verricht is, de lofzegging uit: א״ק״ב״ו להכניסו בבריתו של אברהם אבינו, waarop de aanwezigen den wensch
V T TT:־
laten volgen : בשם שנכנס לברית כץ יכנס לתורה ולחופה ולמעשים טובים.
De besnijdenis moet volgens het duidelijke voor-schrift der Thora op den 8sten dag en wel over dag plaats hebben (Lev. 12,3). Het is gebruikelijk, haar, tot teeken van bereidwillige opvolging van bet goddelijk voorschrift, reeds zoo vroeg mogelijk na het het einde van den ochtenddienst te doen geschieden.
Het wordt als eene gewichtige godsdienstige eere-functie (מצות) beschouwd, het kind bij de besnijdenis
T :
op onze knieën nedergelegd, vast te houden en dus als het ware het altaar te vormen, waarop Gode een heilig offer gebracht wordt (סנדק). Bij afwezigheid van den vader spreekt de סנדק de lofzegging
להכניסו uit.