VIERDE BEDRIJF, ZESDE TOONEEL 147
zooveel klanten — hiernaast. Je moet als je daar weggaat op z’n nieuwe plakkaten letten: ,,Totale uitverkoop wegens waterschade” .... Heeft geen spetje gehad.... Den heelen Maandagnacht hebben we ze hooren doorwerken, met zingen en fluiten, of 'r bruiloft was.... om alles met twintig procent rabat te prijzen!
Stuifsand (bij deur):
. . . Mathijs — zoo'n koopman as jij mot nog geboren worden! Da's de opkomst van de fijnste zaken geweest! .... Geen winkelier in de piepzak — of-ie het 't zich gewènscht!
M a t h ij s (zacht) :
. . . .Dat heb 'k me ook — maar niet zóó. Stuifsand:
Niet zóó?.. . Had je 't liever zelf a n g e s t o k e n — gammer, groote gammer?
M a t h ij s (glimlachend) :
.... Misschien. Misschien....
Stuifsand:
Da’s z'n raad an iemand met zelf 'n assortiment exploten! Dag! Groeten! Wou dat mijn magazijn *r zoo bloeiend uitzag! Ze trappen mekaar buiten op de eksteroogen, nou d'r niks meer te zien valt! Dag!....
M a t h ij s:
Dag (hij staat op, wil de keuken in, aarzelt, zit weer in stoel, steekt zn colbertkraag op, huivert dicht tegen de kachel aan. Sonja treedt de kamer binnen, mijdt hem door langs tafel heen naar buffet te gaan. Hij beweegt niet, grijpt 'r hand als ze met broodschaal voorbij wil. Zwijgend ziet hij