als uitstekend geslaagd voor, maar minder
geschikt voor dezen feestavond. Daarvoor duurde èn de voorbereiding èn het stuk zelf te lang. Het publiek in de stemming als die Zondagavond de heerschende was, genoot niet zóóveel als „Puntje” te genieten bevat. Alle rollen werden uitstekend vervuld, de vervulling van de hoofdrol door Ternooy Apel was meesterlijk”.
Wanneer ’k dit knipsel uit ’t verleden oprakel, geschiedt ’t met de leut van aan ’n herinnering terug te denken, die in positieven zin invloed op ’t verder leven had.
Ternooy Apel, door mij in Puntje binnen geloodsd, omdat geen van ons de kanjerrol van den pater aandurfde, sleepte mij als auteur — een acteur had-ie niet in me ontdekt — naar de planken.
Dat wil zeggen: hij kwam namens de „Nederlandsche Tooneelvereeniging” met een voorschot. Ik geloof, dat ’k in die dagen voor een voorschot Naatje op den Dam in de lucht had laten vliegen.
En ’k geloof dat heel wat dramatische krachten in Holland zoetekens blijven sluimeren door gebrek aan voorschot.
Met ’t mijne, in dadelijk weldadig-kringloopende bewegelijkheid, zette ’k me aan den arbeid, en den 24sten December van dat zelfde jaar, zag Ghetto ’t schouwburglicht, stuk van Sturm-und-Drang, ’t welk nog geen maand na de onstuimige baring vertoond werd.
Vandaag nog vermeen ’k, dat de Rafael-figuur volkomen 1 e e ft, dat zoowel z’n gedroom als z’n „phrases” tot de werkelijkheid van de joodsche Rafaels uit die dagen, behooren. Alleen zij, die de socialistische beweging
114