124
Mathieu ? (Baumgarten knikt wanhopig) God, arme kerel, koe kon ’k dat gissen? ’k Heb wel in de bladen van 'n bezoeker, die vermoedelyk ook... Maar aan je zoon — je zoon ... Dat ’s rn bezoeking .., Dat ’s tragisch.... Dan heb ’k enkel om excuus te vragen Voor m’n misschien onbehoorlyk optreden.
S t e i n. (door de achterdeur, terwijl de vrouwen voor de vensters zichtbaar worden). ’t Spyt me, heeren: ,k moet storen ...
lste Mynbestuurder. ’k Ga, meneer Stein... (Tot Baumgarten). Adieu. Adieu, ’k Wensch je niets, Baumgarten, omdat ’r bij zoo’n klap... Nee, daar is elk woord by misplaatst. .. (Naar de linkerdeur, keert gejaagd terug). Nog één seconde, Baumgarten! Nu jy in zoo’n staat van depressie ben, wil je my plein pouvoir, onbeperkte volmacht geven, om ook namens jóó den corner in onze aandeelen te regelen?
Baumgarten (werktuigelijk de enveloppe opnemend, met de bedoeling haar aan den ander te geven). Dat’s goed. .. (bezint zich, kijkt hem met schichtige angst-oogen aan, steekt, de enveloppe in zijn binnenzak). ... Nee, morgen, overmorgen...
lste Mynbestuurder (terwijl de vrouwen binnentreden). Voor jouw verantwoording, Baumgarten! Adieu.
Baumgarten (naar den stoel bij de kachel, zonder belangstelling). Voor myn verantwoording. Adieu.
ZEVENDE TOONEEL.
Baumgarten, Stein, Moeder Schulz, De Bruid, De Vroedvrouw, Eerste Mijnwerkersvrouw.
Stein (de lederen fateuils aanwijzend). ... Ga zitten.
De Bruid {fel inzettend). Meneer...
Stein (kalmeerend). Ga zitten ... (zij bebijt zich de vuist om haar snikken te bedwingen.) .. . Wie is dat moeder Schulz ? (moeder Schulz probeert te antwoorden, speelt het niet klaar). Nou?