Het Jonas Daniel Meijerplein

Titel
Het Jonas Daniel Meijerplein

Jaar
1961

Pagina's
177



Tussen Tongeleth en Tollens

Sinds de „Hulde aan Holland” van Salomon Jacob Cohen uit 1814 en de „Eil hen Zeghenwensch aan de birgers von Hamsterdam, hen hook vhoor halle ingezetenen von Nederland; door heen vaderlandsche hisraëliet” was Neerlands Israël op het pad der cultuur-assimilatie verder geschreden. 1830 had de mogelijkheid gegeven tot het aantrekken van Nederlandse uniformen. Een golf van geestdrift had ook de Joden bezield. Jonas Daniël Meijer schreef in datzelfde jaar 1830 zijn „Two letters in answer to the objections urged against Mr. Grants bill for the relief of the Jews”, waarin hij - dankbaar object van alle assimilanten vóór en na hem - verslag geeft van de Joden, die het in Nederland inmiddels al ver hebben gebracht. Er scheen geen vuiltje aan de lucht. Men kon zich onder het genot van een Goudse pijp bezig houden met de vraag, wat er van het oude Jodendom nog bruikbaar was in deze schone wereld en wat niet. Vooral het laatste! Als het - ook Hebreeuwse - gezang om de citadel en de tiendaagse veldtocht is verstomd, worden, ook rondom het Meijerplein, de symptomen merkbaar van een - onder Duitse invloeden staande - groeiende neiging tot interne reorganisatie van het Jodendom. Terwijl de externe twisten over de vorm van het Kerkgenootschap eindeloze bundels statuten in het leven roepen, wordt de vraag naar het wezen van onze religie in brede kringen steeds heftiger gesteld.

Dit alles was te gevaarlijker, omdat na de dood van Opperrabbijn Beren-stein het Meijerplein voor het eerst in eeuwen zonder een Asjkenazische Raw bleef. Niet als vroeger richtten de grote Geoniem hun blikken naar de stad uit het apocryphe Oostjoodse kinderliedje. Jokef Ettlinger, de beroemde Raw van Altona, weigert het rectoraat van het Seminarium. Hij voelt niets voor de grote Sjoelen aan het plein; de kleur van de aloude metropool is te verdacht geworden.

De Tongeleth-mannen als Gabriël Polak en Delaville waren nog wel „posjeter Jieden”, wier Joodse levenspraktijk de toets van iedere kritiek kon doorstaan, maar het zou niet meer zo lang duren, of de Verlichting zou vat krijgen op een categorie „godsdienstonderwijzers”, die een vernietigende invloed zou uitoefenen, op het Amsterdamse Jodendom vooral. Van enige positieve bezinning op onze oude cultuur was toen

87

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition).
Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen.


Weergave
Afbeelding / Tekst (OCR)

Alle boeken in deze digitale bibliotheek kunt u gratis lezen of downloaden. Met een vrijwillige donatie helpt u ons met het in stand houden en verder uitbreiden van de bibliotheek. Klik hier als u een bijdrage wilt overmaken.