Martelgang of cirkelgang (over Da Costa) (zw)

Titel
Martelgang of cirkelgang (over Da Costa) (zw)

Jaar
1954

Pagina's
114



Onbekendheid met het geestesgebied der 19e eeuw ten onzent leidde ertoe, dat men in bepaalde kringen een beetje lachte en raillerend 153) sprak over de „goedaardige vorm van het minst apocalyptisch tijdperk, dat ons volk beleefde, in de tijd van de Camera Obscura, toen de brave Capadose de iepziekte van Scherpenzeel in verband bracht met wat Openbaring 8:7 vertelde over het verbranden van een derde deel der bomen en dus de maning zag van een spoedig wereldeinde.” Eén intelligente blik op de correspondentie van Da Costa met Groen of De Clercq zal leren, dat juist in deze tijd innerlijke spanningen leefden in de hoofden en harten van grote mannen, met het oog op de komende wereldcatastrophe. De helft van de eeuw wordt met angst verwacht. Men ondergaat de komst van het Communisme en Anarchisme in zeer werkelijke levenscategorieën. Men voelt de hand Gods als een dreiging in het sociale vlak. Wat zal er gebeuren? Praten helpt niet meer. 154)

„De Maatschappij gevoelt Haar evenwicht gestoord. Haar lichaam kwijnt en woelt Bij beurten; ’t is de plaat van kankrend pauperisme, Onredbaar evenzeer voor breinloos Communisme,

Als voor Bespiegeling, die in fijn geweven taal Verdooving, sussing, maar geen heeling brengt der kwaal.”

Groen wijst in 1850 Da Costa op een plaats uit Niebuhr’s Römische Geschichte:

„Der erste Theil war in der heitersten Gegenwart und ihrem dankbaren innigsten Genusz, in der volkommensten Sorglosigkeit über die Zukunft, geschrieben: jetzt blicken wir vor uns in eine, wenn Gott nicht wunderbar hilft, bevorstehende Zerstörung, wie die römische Welt sie um die Mitte des dritten Jahrhunderts unsrer Zeitrechnung erfuhr:    auf Vernichtung des

Wohlstands, der Freyheit, der Bildung, der Wissenschaft.” 155) Welke spontane krachten zullen naar de macht grijpen? De profetenstem waarschuwt voor het Anarchisme, dat hij ook in een recente monografie bestudeert. 156)

153.    M.A. Beek: Inleiding in de Joodse Apocalyptiek, 1950, 122.

154.    K.D. 539.

155.    Briefw. Da Costa—Groen, II, 5.

156.    K.D. 539, 626, 522, 541, 524, 446, 545. K.D. 860 citeert hij. Bijdragen tot de Geschiedenis van Radicalismus en Commu-nismus 1848. Voor het natuurelement in de Apocalypse H. Gres-mann: Der Ursprung der israël-jüd. Eschat., 1905.

97

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition).
Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen.


Weergave
Afbeelding / Tekst (OCR)

Alle boeken in deze digitale bibliotheek kunt u gratis lezen of downloaden. Met een vrijwillige donatie helpt u ons met het in stand houden en verder uitbreiden van de bibliotheek. Klik hier als u een bijdrage wilt overmaken.