De overkant
Dan de overkant. Dicht bij de Sluis Isak Montalto. Misschien een zoon van Dr. Eliau, de lijfarts van Maria de Medicis, wiens lijk onder begeleiding van Saul Levi Morteyra in 1616 naar Amsterdam werd gebracht, om te Ouderkerk ter aarde te worden besteld. No. 7-9: Isak de Pinto. 1) Die dit perceel in 1651 voor ƒ 30.000 kocht.
Even verder Abraham Pereira, w'iens broeder Isaac woonde in het U reeds bekende huis, vroeger Waterlooplein 13. Het huis „’t Romijnse Keizershooft” lag ernaasf. Het werd bewoond door de beroemde Osorio’s. Hun historie alleen vormt een spannende roman.
Voorbij de steeg
Een kleine selecte bloemlezing slechts. Duarte Seraiva en Michiel de Crasto. Allereerste namen van Amsterdamse Sefardiem omstreeks 1600.
Duarte werd reeds in 1604 poorter van deze stad. Wie kan doordringen in de ziel der Marranen. Iets oplichten van de sluier, die hun wezenlijke leven omgeeft en bijkans onzichtbaar maakt? Hier vervagen sociaal-economische historische systemen — hoe vernuftig ook bedacht ■— tegen een werkelijkheid van leven en sterven.
Chagam David Pardo, Antonio Lopes Suasso, Josef da Costa. Voorzaat van de dichter. Die eens het losgeld betaalde voor Uriel. Dr. Isaac Rocamore: een monnik luisterende naar de naam van Fray Vicente de Rocamore, vluchtte naar Amsterdam omstreeks 1640 en leefde daar als Joods geneesheer.
Rembrandts Joodse Portretten
Rembrandt heeft velen hunner vereeuwigd. Beroemd werd Menasse, die in 1623 — bij zijn huwelijk op 19-jarige leeftijd met Rachel Abarbanel — op de Nieuwe Houtmarkt woonde. En later misschien ook op de Breestraat No. 17, gelijk Ter Gouw aanneemt, wellicht op grond van een traditie, die in zijn dagen nog bestond.
Dr. Ephraim Bueno wiens woning in 1646 op Vlooyenburg stond, werd zelfs enige malen door de meester afgebeeld. In deze straat heeft hij nochtans niet gewoond.
En zovelen, die wij niet kunnen identificeren. Ongenoemde wandelaars, die hier de straat passeerden en de eeuwigheid verwierven in de musea der wereld.
Het Rembrandthuis
Maar Rembrandt verdween en vergeten werd zijn huis. Midden
108
1
) Niet te verwarren met de beroemde Isaac de Pinto uit de 18e eeuw, over wie J. S. Wijler zijn dissertatie schreef.