VAN 1815 TOT ONZE DAGEN.
DE PORTUGEESCHE JODEN ONDER WILLEM I - KERKELIJKE
ORGANISATIE - SCHOOLINRICHTING — POGINGEN TOT VER-
EENIGING DER BEIDE JOODSCHE KERKGENOOTSCHAPPEN -
HET VERDWIJNEN VAN HET PORTUGEESCH ALS OMGANGSTAAL
-BEKENDE PERSOONLIJKHEDEN -DE PORTUGEESCHE JODEN
EN DE JOODSCHE PERS - VIERING VAN HET TWEEDE EEUWFEEST DER SYNAGOGE - REORGANISATIE VAN HET SEMINARIUM -DE CASTRO’S OPGRAVINGEN TE OUDERKERK - INWIJDING DER LIVRARIA MONTEZINOS - BEZETTING VAN HET
OPPERRABBINAAT-RESTEN DER PORTUGEESCHE TAAL-SLOT.
In 1815 vond de vereeniging van België met Nederland plaats; den 16en Maart van dat jaar vaardigde de Souvereine Vorst een proclamatie uit, waarbij hij het Koninkrijk der Nederlanden voor gevestigd verklaarde, en dus den titel van Koning aannam.
Ook als Koning zette Willem I de reorganisatie van het Joodsche Kerkgenootschap naar alle zijden voort: in talrijke Koninklijke Besluiten trof hij regelingen voor de Godsdienstscholen, schoolcommissies, examina van Godgeleerden en onderwijzers, enz.
Eigenaardig is het, dat hij feitelijk geen afzonderlijk Portu-geesch Kerkgenootschap erkende. Er bestond o.a. een gemengde „Hoofdcommissie tot de zaken der Israëlieten,” en een gemengd Rabbinaal College, dat belast was met het afnemen der Godgeleerde examens, waarvan nog een Koninklijk Besluit van 22 Juni 1845 bepaalde, dat het uit twee Portugeesch-en vier Nederlandsch-Israëlieten moest bestaan.