Scheppingsdroom, De Tijdstroom, Lochem, 1940.
Verzen, Bigot & Van Rossum, Amsterdam, 1941.
De Vliegende Hollander, De Tijdstroom, Lochem, 1941.
De Zeven Hoofdzonden (1943) en De Vader spreekt (1944) zijn onder het pseudoniem Hector Mantinga verschenen bij De Bezige Bij, Amsterdam.
Verzen van Nederland, Kroonder, Bussum, 1946.
Salvis Tiulis, Kroonder, Bussum, 1946.
Silhouetten, Meulenhoff, Amsterdam, 1948.
Het Wankel Hart, Servire, Den Haag, 1948.
Vergeefs Gebaar, Kroonder, Bussum, 1949.
Aan de Vermoorden uit Israël, Kroonder, Bussum, 1950.
Storm uit het Oosten, Contact, Amsterdam, 1952.
De Spoorwegstaking, De Arbeiderspers, Amsterdam, 1953.
Stormen en Stilten, Meulenhoff, Amsterdam, 1956.
Woorden in het Donker, De Beuk, Amsterdam, 1956.
Gedenk de Mens, Bakker/Daamen, Den Haag, 1957.
Het lied van de Olifant, Strengholt, Amsterdam, 1958.
Vuurmerken, Stols/Barth, Den Haag, 1960.
Dwars door de Zomer, Stols/Barth, Den Haag, 1962.
Achtergrond, Nijgh & Van Ditmar, Den Haag, 1965.
Avond aan Avond, De Bezige Bij, Amsterdam, 1965, 3e druk.
Met Job Geleefd, De Bezige Bij, Amsterdam, 1972.
Grondtoon, De Bezige Bij, Amsterdam, 1975.
Gedichten van zestig tot zeventig, De Bezige Bij, Amsterdam, 1977. Achterwegen, In de Fazantenhof, Eemnes, 1981.
Verwaaiende raadsels, Bzztóh, Den Haag, 1982.
PRIJZEN
De erkenning die zijn werk vond, kwam o.a. tot uiting in een aantal letterkundige onderscheidingen:
Prijs van de Gemeente Amsterdam (1957)
Prijs van de Stichting Kunstenaarsverzet (1958)
Henriëtte Roland Holstprijs (1962)
Marianne Philipsprijs (1969)
VERTALINGEN
Mok heeft tal van literaire en wetenschappelijke werken vertaald, onder meer van Malraux, Maupassant, Sartre, Plievier, Koestier, Angus Wilson.
RADIO EN TELEVISIE
Mok heeft in een lange reeks van uitzendingen van de NCRV-radio verslag uitgebracht van zijn wedervaren als mens en auteur. Hij is ook herhaaldelijk het onderwerp van televisie-uitzendingen geweest.
156