Dorp in de branding

Titel
Dorp in de branding

Jaar
1975

Overig
roman

Pagina's
182



van mond tot mond. En het gold niet alleen van de huizen en de straten, maar ook van de mensen, de vissers, hun vrouwen en kinderen, en niet minder van de spullen, waarmee zij hun bedrijf uitoefenden. En Bauer mocht briesen van woede, omdat hier de armoede - want waren het niet in hoofdzaak armoede en bouwvalligheid? - schilderachtig werd genoemd, er was niets aan te veranderen.

Fotografen stelden zich op in de straten en korte tijd later zag men in het papierwinkeltje van het dorp prentbriefkaarten hangen met karakteristieke dorpsgezichten. De eigenaar van dit winkeltje was een man, die de tijd en zijn eisen begreep. Hij liet kleine, houten klompjes vervaardigen, met opschrift ‘Souvenir Stormoord5. Ook andere snuisterijen, versierd met paarlemoeren namaak-schelpen en gezichten op de nieuwbakken badplaats bood hij in zijn zaak te koop aan. Het waren dingen, waaraan zelfs de meest rechtzinnige christen geen aanstoot kon nemen. Alleen Bauer, die in dit alles een speculatie op minderwaardige instincten zag, was er afkerig van. Diep werd hij getroffen, toen hij op een dag het hoofd van een der vrouwelijke badgasten getooid zag met een witte muts, zoals de vissersvrouwen ze droegen. Die muts was volstrekt niet karakteristiek voor Stormoord. Ook in andere kust- en platte-landsplaatsen werd zij gedragen. Maar de vrouw, die er haar lokken mee sierde, was van die omstandigheid blijkbaar niet op de hoogte. Misschien zou zij zelfs, als zij beter ingelicht was geweest, het mutsje met niet minder trots hebben gedragen.

Wat gebeurde er eigenlijk? Bauer dacht na. Niets dat tegen de goede zeden inging, ogenschijnlijk tenminste. Men mocht ansichtkaarten en snuisterijen verkopen en kopen. Men mocht zo dwaas zijn, een kledingstuk aan te schaffen, dat niet bij de drager paste. Maar achter deze onschuldige genoegens stak een wereldbeschouwing, die hem hoogst vijandig was.

De dokter, die meer kennis en woorden dan de bakker tot zijn beschikking had, vond de juiste term: ‘Kitsch!’ Hij verklaarde het woord aan Bauer. ‘Prullig, goedkoop, onwaarachtig, ordinair - dat alles is Kitsch. Ik zie het net zo goed als jij. Maar ik wind me er geen moment over op.’

Hij keek zijn vriend, die somber voor zich uit staarde, glimlachend aan. En toen Bauers trekken zich niet wilden ont


109

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition).
Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen.


Weergave
Afbeelding / Tekst (OCR)

Alle boeken in deze digitale bibliotheek kunt u gratis lezen of downloaden. Met een vrijwillige donatie helpt u ons met het in stand houden en verder uitbreiden van de bibliotheek. Klik hier als u een bijdrage wilt overmaken.