Een bonte vlucht

Titel
Een bonte vlucht

Jaar
1911

Overig
Verzen

Pagina's
88



Ik heb als gij, diep in mijn ooren ’t schreien van mijn hong’rig kind,

’k heb als gij uit huis verloren alles door mijn hart bemind.

’k Heb als gij mijn lijfkleinoden voor een bete brood verkocht,

’k Heb als gij mij veil geboden op eind’loos ongetelde tocht.

’k Heb als gij met sterke armen, mijn hand voor aalmoes opgeheven mij met blik van arm erbarmen in mijn open hand gegeven. —

’k Heb als gij mijn hoofd gebogen wijl het hart van schaamte scheurde, de traan gewischt snel uit mijn oogen eer ik het hoofd weer opwaarts beurde.

’k Heb als gij des meesters zalen van licht en weelde rijk, gezien,

’k ben als gij bij 't omme dwalen de geuren van hun huis gaan vlien.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition).
Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen.


Weergave
Afbeelding / Tekst (OCR)

Alle boeken in deze digitale bibliotheek kunt u gratis lezen of downloaden. Met een vrijwillige donatie helpt u ons met het in stand houden en verder uitbreiden van de bibliotheek. Klik hier als u een bijdrage wilt overmaken.