Het potlood van juffrouw Melchers trilt. In de kamer hangt zwaar het geheim van twee moorden; de oogen van Charlotte Susa zijn donker en drei־ gend, de tijger van Berlijn loert op prooi.
״Gisteren ben ik met den ochtendtrein in Am־ sterdam aangekomen. Ik logeer in het Imperial Hotel, kamer 24.
Meneer Hokkert, ik ben niet alleen hier. Het bleek mij gisteren, dat De Wind ook geschreven heeft aan het Fransche syndicaat, aan het Engel־ sche en aan het Amerikaansche. Dat was zijn goed
recht, niet waar____ eh____ trouwens, de uitvin־
ding zou toch aan de geheele menschheid ten
goede gekomen zijn. De namen vraagt U____Dat
was Mr. Lawrence uit Engeland, monsieur Panier uit Parijs en.... wijlen Mr. John Masters uit New York.
Wij hebben gisteren samen den dag doorge־ bracht.... samen hebben we geconfereerd in de lounge. Ja Mr. Lawrence en Monsieur Panier
logeeren ook in Imperial____John Masters logeert
ergens in de stad. Hij kwam later binnenwande־
len---- We hadden veel zaken te regelen. Een
revolutioneerende uitvinding als deze stelt de industrie voor nieuwe problemen. Ik kan U wel zeggen, dat wij veel liever de uitvinding over tien
jaar hadden aanvaard.... maar eh____ de voor־
uitgang laat zich nu eenmaal niet tegenhouden.
96