201 PIETER CORNELIS HASSELAER
elegante stoffering vormden ener precieuze rococostad, waar vrouwen in draagstoelen werden vervoerd, bizarre figuurtjes als broos porcelein. Onder al dat poeder, klatergoud en gaas, in heel die sfeer van ijle parfum en riekende snuif, woedden haat en tweedracht als nimmer tevoren. Verdeeldheid was er tot in de kamer der Burgemeesters, waar Vader Hooft zat als rusteloos kampioen der Patriottische zaak. Over en weer richtte men genootschappen op, haarden van politiek bedrijf. Het regende pamfletten.
In 1787 kwam het tot felle uitbarstingen. De Patriotten hadden geleidelijk de macht in handen gekregen; op 8 Maart van dat jaar, op 's Prinsen verjaardag, verboden zij zelfs op doodstraf het dragen van Oranje en de kreet ,,Oranje boven". Hun stelselmatige ophitsing leidde bovendien in het laatst van Mei tot driedaagse plundering, waarbij vijfendertig woningen van vooraanstaanden werden leeggehaald. De Oranjeklanten, die vooral op de Oostelijke eilanden, onder de scheepstimmerlieden, de befaamde „Bijltjes", zeer sterk waren, lieten zich evenmin onbetuigd. Ook zij plunderden een aantal huizen van Patriotten in eigen buurt. De schutterij, die aan de zijde der Patriotten stond, rukte daarop met kanonnen tegen de aanhangers van den Prins op, die op hun beurt geschut in stelling brachten en door het ophalen der bruggen vóór Kattenburg en het Funen de eilanden in staat van verdediging brachten. Zo kwam het tot een formeel beleg. Amsterdammers bevochten Amsterdammers. De donder der kartouwen, de scherpe knal der snaphanen vulden de lucht: kruitdamp en rook dreven over de stad. Vanuit het gebouw der sinds kort gestichte Kweekschool voor de Zeevaart aan den Buitenkant leidde men de aanvallen, die vanaf het Kadijksplein op Kattenburg werden gericht. Met als drijvende batterijen ingerichte schuiten trachtte men aan de overzij vasten voet te krijgen, maar de eerste poging leed schipbreuk. De tweede maal echter gelukte het een
Twaalf Burgemeesters 12