rijen te wachten om boeken te ruilen. Langzamerhand is de winkel uitgebreid tot het een grote bibliotheek was. Toen werden er meer leesbibliotheken geopend. Men zag dat het liep. Om een beetje eenheid te brengen in de uitleenprijs, de duur van de uitleen en dergelijke dingen werd een vereniging van houders van bibliotheken opgericht. De openbare leeszaal bestond nog niet. Die is pas later gekomen.
Als kind zei het jood-zijn je niets omdat je helemaal in een joodse omgeving leefde. Je was je er eigenlijk helemaal niet van bewust dat er nog iets anders was dan vrijdagmiddag, Sjabbes en jontef. Toch waren mijn ouders al zo modern dat mijn zuster en ik op openbare scholen gingen. Dat was ongebruikelijk voor orthodoxe kinderen, want er was toen al de school van Norden. Dat noemden we toen de joodse school. Joodse school was de normale term in die jaren. Wij gingen naar een openbare school, want, zo zeiden mijn ouders: „Jullie krijgen een plaats in de maatschappij en dan moet je ook met alle mensen omgaan.” Ze wilden niet dat we in die hokjesgeest opgroeiden. Daarom waren ze er niet voor dat wij naar een bijzondere school gingen. Ik heb op de Van Alphenschool gezeten, op de Oude Schans. De kinderen uit de Nieuwmarktbuurt zaten daar op. De Nieuwmarktbuurt was toen een behoorlijke middenstandsbuurt. Denk bijvoorbeeld aan de stoffenzaken in de Sint Anthoniebreestraat. Hun kinderen en de kinderen die op de Binnenkant woonden, wat in onze ogen heel deftig was, waren op die school. Er bestonden in die tijd eersteklas scholen en derdeklas scholen. Het verschil zat in het inkomen van de ouders waarnaar het schoolgeld werd betaald. De Van Alphenschool was een eersteklas school. Daarnaast stond een derdeklas school. Wat mij in mijn eigen leven bijzonder heeft getroffen: Op die andere school zaten schipperskinderen. Daar vochten wij mee. Later heb ik vanaf mijn zestiende jaar tot aan mijn pensionering gewerkt voor diezelfde schipperskinderen.
Voor ik naar de grote school ging, naar de Van Alphenschool, was ik op het bewaarschooltje van Melkman. Op de hoek van de Snoekjessteeg en de Snoekjesgracht. Het was een kin-derbewaarplaats. Je kan niet spreken van een kleuterschool.