Adaushem
Addenom
Aggencbbisj
Heer (wordt buiten de gebeden gebruikt voor Adounoi). scherpe verbastering van Adaushem.
och arme; stumperig (afgeleid van het Tsjechisch: nebohy, of het Kleinrusaisch: neboha).
Aimcmor of Almemmar Aahkenazictn
katheder, buna (uit het Arabisch).
joden, afkomstig uit Duitsland of Oost-Europa (Ashkenaze ■— Duitsland, Germanii).
Bat Jitro’eil Bar mitswo
Israëliet.
iedere Israëlitische jongen die zijn veertiende jaar intreedt en medewerkend lid wordt van de gemeenschap. Gaat gepaard met feestc-li jkheden.
Bcoci Jisro’eil Bcruhcn Bima Broche
Kinderen Israël*.
zegenen; van het Latijn: bcnedicere. katheder (zie Almemor).
zegen, geluk (verbastering van het Hebreeuws: berochoh).
Da jan
Dino demalchoetho dino Doechan
rechter (ook wetsuitlegger of rabbinaal assessor), de wetten van het land waarin men woont prevaleren, podium voor de Heilige Arke.
Ette
vader
Gebenaht Geinponem Gene idem
gezegend (van benshen, zie aldaar), grappenmaker.
het Paradijs (verbastering van het Hebreeuw* gan'eiden «- Hof
Gochme
van Eden).
wijsheid (verbastering van het Hebreeuws gochmoh — wijsheid, ethica).
Gochom
Goepoh
Goi (mv: gojim) Goloez of goloeth Goaen Gotxpoh
wijze, geleerde, hu welij ks wijding.
niet-Israëliet (verbastering van het Hebreeuws: gaui). ballingschap, verspreiding, diaspora.
bruidegom, schoonzoon (verbastering van bet Hebreeuws: goton). onbeschaamdheid, aanmatiging.
Haqodaush boroech boe
Havdoloh
HéchaJ
de Heilige, geloofd zij Hij. einde van de sabbat.
hier: de Heilige Arke (kast aan de oostwand van de synagoge, waarin de wetsrollen worden bewaard).
Jeled
Jelodiem
Jclolohmaakstcr
Jomtef
kind.
kinderen.
huilende of jammerende vrouw.
feestdag (verbastering van het Hebreeuws: jaum taub).
Kalle
schoondochter, bruid, verloofde (verbastering van bet Hebreeuws: kaloh).
Kik*
Kille
Kohan
Kowed
Kriere
cake (Eng.).
gemeente (verbastering van het Hebreeuws: qehiloh).
priester.
eer.
felle koude (verbastering van het Hebreeuws: qeriroh).
Leib
Lemen
Louis, Lodewijk.
zich met theologische studiën bezighouden.
Maceiboh
Makoh
Medinoh
grafsteen, gedenkteken, plaag, klap, tegenslag.
gewest, provincie, platteland, streek, kleine stad of dorp. Dus alles
Megillob
wst buiten de enkele grote steden valt.
rol, boek, verhaal (verg. Rol van Eather — Boek Esther).
317