ARON LAQUNA 133
NEGENDE TOONEEL.
Judith komt vroolijk, gearmd met Raph uit de middendeur.
J u d i t h (kwasi-plechtig Raph naar voren trekkend).
Oom Nathan ... ik stel u voor... mijn aanstaande.
N a t h a n (geeft Raph een hand).
Stelt vóór!... Strooi niks ! — ik heb 'm ge-keune... toen jij nog van je hiele bin gevalle.
Mevr. P a r e i r a (verwijtend naar Judith).
Had je nou niet éven kunnen wachten tot 'k met dat lint boven was gekomme ?
Nathan (dansend voor Judith en Raph zingt, telkens met de knieën inzakkend, wijze: Klokken Cor-neville).
... Zie-maar-es-hier... zie-maar־es־daar... en-hoe-bevalt-u-deze-waar ?... Judith en Raph, gearmd, schateren.
Nathan.
Zie jullie ?... Warachtereschot, échte emi-taasje!... krijg ik de knaktoestep in me knieë! Mevr. Pareira trekt Raph weg van Judith's arm en fluistert hem iets in het oor.
Nathan (hel-vroolijk, tot Judith).
Zégereis Azzepoester... heb ik jou niet verleje