:360
de vrouw van Manus Moks er maar de vuile wasch in geborgen. Maansjene! Later wou ze het instrument verkoopen aan de Italiaansche of Fransche Opera...
Jonas' Evaline lachte zich, Paaschavond, krom om al wat haar man vertelde van de Kapers en hun verlogpen ruitjes...
Ze moesten allemaal aan de muziek, muziek, muziek en aan de Liedertafels... Wat heb toen al niet ge-
liedertaf eld?...... Op de golven van ״Zanglust" en
,,Oefening baart Kunst" zwalkte heel het zingende diamantvak... Een caricatuur was het! Een zoon van Bernard Blazer, die meestal hobbelwerk liet fabriceeren, moest klarinet leeren. Wist hij veel! Klarinet vond de vader zoo prachtig. En zijn lange haren: Lewie-Seize-tooisel! Hij speelde joedeloedeloe, den heelen dag door... om mesjogge te worden. Iedereen die bij Blazer opliep, werd weg-gejoedeloedeloet! Maar het raam moest ook open, in den zomer; een ouder-wetsch opschuifraam. Lood natuurlijk stuk. Wél een heele eikenhouten chiffonnière, maar 't raam bleef nooit in de hoogte... Hups, het muziek-genie-zoontje van Bernard Blazer, met de mooie pruik, wist raad. Zijn splinternieuwe klarinet er onder. Zoo, nou bleef dat vervloekte venster tenminste open! Casjuweel... noten-les onder 't venster!... Er waren volslagen mallen tusschen de argelooze Kapers. De een overtroefde den ander. Maar er bleven ook velen gezond van hoofd bij, en klaarwakker; lieten den steen alleen op zijn was loopen... Ook hij, Jonas, wou geen kaptafel, geen zilverkast met pronkbuik en geen zwaar mahonie en geen taartenbakken en zilveren klontjestangen met malle poppetjes van „Rip" d'r in gekrast. Ook wou hij geen rood-pluchen en blauw-fluweelen stoelen en vergulde salon-spiegels... Hij wou opzamelen, al meer, en zelf juwelier worden. De brassers en slempers noemden hem en Elie emmes, smiechten. Dan lachten zij stiekem. Want ingetogenheid en zuinigheid konden die slempers zich in anderen niet voorstellen. Was narrisjkat... schold Jankef. Zoo hield je je kowet niet. En hij opende met branie een schildpadden
Maansjene: ook een zorg! — Hobbelwerk: slecht soort diamant, — Emmes: zoowaar, — Kowet: eer.