XXL
Men had het leven zooveel mogelijk naar den zonnestand ingericht. Men brandde in huis lampen met plantaardige olie gevuld. Men ontstak ze aan een klein lampje, dat altijd brandde en waarvan men dan met een houtje het vuur naar andere lichten overbracht.
Maarde voordeelen van electrische haarden, electri-sche fornuizen, electrisch verwarmd water en electrisch licht waren zoo groot, dat men electrische toestellen in de huizen installeerde en door de molens in accumulatoren, electrische kracht ervoor verzamelde.
Toch verwierpen de volgende geslachten ook dit gebruik van electriciteit, daar men ervoer, dat voor de inrichting en reparatie der electrische installaties vaklieden noodig waren en dit zoowel schadelijk was voor de ziel der menschen, welke in één vak gingen uitmunten als een slecht voorbeeld gaf. Daarom bouwde men nu eenvoudige haarden en fornuizen, die gestookt konden worden met overblijfselen van plantaardigen aard als geperst gras, veen, lijnkoeken, houtafval, notendoppen, vruchtenpitten. De grootste zorg werd aan het opkomend geslacht besteed. Men leerde de kinderen