Germania

Titel
Germania

Jaar
1905

Pagina's
460



HOOFDSTUK IX.

Maar de honger begon ook te nijpen in de Batouw. De weinige kuilen met graan, die de Dantubaren niet hadden ontdekt, waren volgeloopen met smeltend sneeuwwater en later had de ongewoon strenge vorst water en graan tot een harde ijsklomp bevroren. Er was in de heele Batouw geen mensch, die heuchenis had van zulk een strengen winter.

De zwarte ziekte begon slachtoffers te maken en van alle zijden kwamen maren van hongersnood, koude en vorst.

Ook in de hut van Sigbert werd honger geleden. Zij hadden den grooten waakhond al moeten slachten en aten nu sedert dagen niets dan moes van dorre bladeren. Vergeefs liepen zij het woud af om wild te zoeken. Het wild was, instinctief den kouden winter voorvoelend, naar andere streken gevlucht en de weinige hazen, vossen, wolven en evers, die nog waren achtergebleven, ten buit geworden van de honderden hongerige Batouwers, die de bosschen afstroopten.

Ook bij de Frisen was de oogst slecht geweest. Maar koning Tjilbart had wel veertig groote schepen naar ’t Paarden-eiland gezonden met barnsteen, albasten schijven, koehuiden en fraai besneden zetels, broodplanken, messenheften, sierframmen beladen, om graan te gaan ruilen op ’t Paardeneiland.

Daar zou dus geen gebrek zijn! Maar Tjilbart, zou niet voor niets van zyn voorraad aan de Batouwers afstaan en veel om te ruilen hadden de Batouwers niet, want de Frisen waren rijk en kunstvaardig en hadden in hun rijk alles wat de Batouwers ook hadden.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition).
Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen.


Weergave
Afbeelding / Tekst (OCR)

Alle boeken in deze digitale bibliotheek kunt u gratis lezen of downloaden. Met een vrijwillige donatie helpt u ons met het in stand houden en verder uitbreiden van de bibliotheek. Klik hier als u een bijdrage wilt overmaken.