210
ALFONSO
Toch niet, mijn Heer, ik ging juist naar den kelder, ’k Wou zeggen, ’k ben een uitgelezen vat,
Ik ben de ware wijnstok, kort en goed,
Het destillaat van ’t echt Toscaansche bloed.
LUCIO
Hoe denk je over 't vak van bottelier?
ALFONSO
Des Hertogs bottelier?... Mijn Heer, ik ben,
Voor keldermeester in de wieg gelegd,
En wil op staanden voet een proef afleggen, Geblinddoekt Heer, zeg ik u ’t onderscheid,
Wat is Chianti, wat Marsala, wat Lacrima Christi, Asti Spumanti, Alba ....
LUCIO
Kom mee, komt alle mee, en drinkt een glaasje,
Maar niet te veel jij, al te kundig baasje ....
(Lucio gearmd met Sirenetta gaan de loggia binnen, gevolgd door Alfonso en Sophrona, die met elkaar plukharen).
Tweede Tooneel.
Hertog Lorenzo Dianti, Graaf Bozzi, Beata, later Lucio, Alfonso, Sophrona, Sirenetta.
LORENZO
(verschijnt op den drempel van ’t paleis, gevolgd door £raaf Bo?zi).
Dat zijn wel treurige berichten vriend,