landau, a: Die Sprache der Glückl von Hameln. M.J.V., Jg. 1901, Heft 7.
leer, w. van: Een en ander over het Jiddische Protocolboek der Ned. Isr. Gemeente te Nijmegen; - 109, 848. In Bijdr. en Meded. Gelre IV.
letterbode: De Israëlitische Letterbode 1877/78; - 109, 915, 995. Zie Bing 189.
levita, elia: Sefer ha־tischbi. Isny 1541; - 448, 670, 1042, 1093. Leviticus, dr. F: Manuscript bij Genootschap voor de Joodsche Weten-schap in Nederland; - 746. levy, p: Aper9us sur le jiddisch in Cahiers de 1*Alliance Israelite Universelle, 1954, no. 82 en 83.
Lilienthal, r: Das Kind bei den Juden in M.J.V. 1908; - 49. maarsen, 1: De Amsterdamse Opperrabbijn R. Saul Löwenstamm. N.I.W. 56 ste jaargang nrs. 48, 49, 51 en 52; 57ste jg. nrs. 1 en 2 (separaat).
maarsen, 1: Joodsche Wetenschap en Letterkunde tot 1795 in Brug-mans en Frank; - 1130.
Ma’assee Niessiem zie Edrehi.
magnin, j. s: Kerkelijke Geschiedenis van Drenthe. Groningen 1855;
- 793.
megillat winz : (geciteerd volgens de uitgave van M. Weinreich in Staplen (zie Weinreich). meitlis, dr. j: Das Maassebuch. Berlin 1933; - 19. mendels, dr. 1: De Joodse Gemeente in Groningen. Groningen 19102;
- 18, 399.
mens, j : Griet Manshande; - 445, 958. meyer, dr. j. meyer: Heruitgave De Castro z.a.
- Het Verdwenen Ghetto; - 138.
- Zichronot Kisch-Spitz z.a.
- Zie M.G.J.N.
m.g.j.n: Maandblad voor de Geschiedenis der Joden in Nederland, onder Redactie van dr. J. Meyer. Amsterdam 1947/48; - 31, 337, 361, 422, 439, 446, 649, 726, 748, 774, 884, 886, 902, 909, 953. Midrasch-citaten: 143, 187, 258, 344, 373, 489, 507, 512, 545, 589, 590, 694, 705, 774, 853, 872, 877, 887, 901, 939, 1010, 1039, 1114. Minhagboek: Amsterdams Minhagiemboek, Hirz Levie Roufee, Amsterdam 1723; - 678, 723, 877.
291