NEGENDE KAPITTEL.
ANGSTEN EN VREDE.
„Come what come may — time and the hour run through the roughest day ”
(Longfellow).
„Het had heel wat moeite gekost ”
(Eenzamen, Willem Gerard van Nouhuys).
Geradbraakt ontwaakte de heer Pieter Zwaluw voor de twééde maal op den toren.
Als een fletse streep kwijnde aan den horizon de zorgen-zwangere dageraad.
Het verre landschap traagde in ’n nevel, die de landen besloop....
Pijnlijk-kreunend, z’n tintel-kloppend been dat aan het lichaam gestorven leek, masseerend, keek-ie met de grimmigheid eens geboeiden leeuws naar het gemelijk-onlekkere van ’t bovenaardsch zitje.