NAA1MUGJE.
gezet. Alweer boterhammen worst! .. . Dat zag je al uit de verte .. . Natuurlijk! Maar tien cent het ons. Je mocht nog dank-ie zeggen as je d’r wat opkreeg. Zoo. Nou ging ze d’r nog éven voor zitten. Hè! Dat was nou je heerlijkste uurtje. Vroeger at ze d’r boterhammen m bed. Maar dan lag je den heelen nacht op de kruimels.
Nou was ’t hier om niet naar bed te gaan. Waar was ze gebleven? O ja, bladzij 52. Een nieuw hoofdstuk: Kassi a, de getrouwe envertrouw-d e. Nou eerst een hap in de boterham. ..
Smakkend en lang kauwend over eiken hap, om maar te rekken, die heerlijke gezelligheid, om te eten terwijl je las en je niet gestoord kon worden, begon ze weer aan den roman, bleef doorlezen en pikte de kruimels van ’t bord.
Tik. Tik. Tik. Tik. . .
Was ’t al zóó laat? Precies. De klok ging precies. Buiten speelde ’t net. Nou gauw uitkleeden. Zoo. Nou de nachtpon. Nou d’r haar. Nou kon ze weer lezen.
Terwijl zij het haar kamde, las ze door, hield op met kammen en verslond de regels. De kam lei naast het boek... Het was om den heelen nacht op te blijven .. .
„En de vrij gebleven hand tastte onder ’t hoofdkussen, en haalde een blanken dunnen dolk te voorschijn, en nogmaals sprak Julia, met heesche, „sissende stem: „Straffen zal ik — ze — en — „mijzelve!” En bij elk woord daalde de scherpe „dolk neer in de borst der oude vrouw, en toen „de doodsangst deze kracht gaf om zich los te „rukken, toen een gillend noodgeschrei de huis-„genooten bijeen riep, toen daalde die dolk „nogmaals neer; en de blanke hand stiet hem „krachtig in de met juweelen en kanten versierde