jasper: Thee, krekel? eef: Asjeblief.
jasper: Laat mij je dan ’ns bedienen. Melk?
eef: Asjeblief. . . . Hè, wat ’n zalige gezelligheid. . . .
jasper: Suiker?
eef: Asjeblief.
jasper: Een of twee lepels ?
eef: (beminnelijk) ... .Twee.
mop: Waar blijft Miep nou? (Miep is op de kamer van Eef gekomen. De rat vlucht van de tafel, als zij binnenkomt. %ij neemt de kaars werktuigelijk op, staart in de vlam)
eef: (omhoog roepend) ... .Miep! . .. .Miepie! .. . .Waar je blijft?. ...
miep: (starend) Ik kom. ... eef: Wat is verliefdheid toch ’n gek ding. . .. jasper: ... .Ja! Ik zag vanmiddag twee duiven op rn roestige telefoondraad en die tortelden, tortelden, dat je ’r haast de tranen van in je oogen kreeg. ... In de natuur gaat dat alles zoo heerlijk eenvoudig,... (Miep komt binnen). . . . eef: Daar staan je boterhammen, Miepie. miep: Dank u. jasper: .... Nou Eef. ..,
eef: .... Nee, hou effen je mond - ik bid voor ik eet.. ..
(zij vouwt de handen. Een stilte)
doek
einde van het laatste bedrijf
Amsterdam, 12 Augustus 1916.
112